Het is alweer een tijd geleden dat ik op social media een discussie las over de maakbaarheid van geluk. En dat ging dan vooral over mindfulness. Ik heb me er niet in gemengd, maar dacht wel: als dat je mening is, dan heb je niet begrepen wat mindfulness doet.

Je kunt groeien naar geluk

Zowel bij mindfulness als bij integratieve (kinder)therapie gaat het erom dat je je gelukkiger voelt MET ALLES wat jou jou maakt. Niet het geluk willen vinden door het negeren of wegdrukken van dat wat je ongelukkig maakt, maar het omarmen en accepteren dat het bij jou hoort. En als het af en toe de kop op steekt weet je dat het aandacht nodig heeft en dat je weer een stap kan zetten in jouw groei naar geluk.

Verantwoordelijkheid

Iedereen heeft zijn eigen problemen, voor de één zijn ze groter dan voor de ander. Als we even kijken naar jou als moeder, kun je voor jezelf problemen ervaren (in je relatie, op je werk, met je gezondheid), maar je kunt ook een probleem ervaren doordat je kind een probleem heeft. In het intakeformulier stel ik de vraag ‘Wat gunnen jullie jezelf?’ Als antwoord krijg ik daar heel vaak op ‘een gelukkig kind/dat mijn kind lekker in zijn vel zit/een zelfverzekerd kind’. Dat is geen antwoord op de vraag. Het lijkt nu of een gelukkig kind een voorwaarde is voor jouw geluk. Is dat echt zo? Je hebt vast ook wel fijne momenten ondanks dat het met je kind niet goed gaat. En als dat niet zo is, dan zul je er snel naar op zoek moeten gaan! Het is nogal een verantwoordelijkheid die je je kind oplegt: hij moet zorgen voor jouw geluk…

Samen groeien

Integratieve kindertherapie is niet alleen voor je kind. Oudercoaching is niet voor niets een belangrijk onderdeel van een traject. Het is fijn om tijdens een gesprek te merken dat ouders bij zichzelf zien hoe hun gedrag het probleem van hun kind in stand houdt. En daar hoef je je niet schuldig om te voelen. Het is mooi dat je daar nu achter komt, want dan kun je er nu iets aan doen! Je kind gaat sowieso groeien tijdens een behandeltraject. Dit kan sneller als de omgeving ook gaat veranderen. Dus dat jij als moeder ook jouw proces aangaat. Waardoor je mogelijk oude patronen en overtuigingen aanpakt en het anders gaat zien. Therapie is op een andere manier gaan kijken naar hetzelfde waardoor je op een andere manier doet dan daarvoor. Dit geldt voor jou EN voor je kind. Tijdens het traject kunnen jullie samen groeien. Ben jij er klaar voor en bereid om te kijken naar wat jij nodig hebt? Dan zie ik je graag!

 

Afgelopen dinsdag hebben we te horen gekregen dat nieuwe maatregelen nodig zijn. Hoe heb jij erop gereageerd? Voel je je uit het veld geslagen, omdat het voelt alsof je weer een stap terug moet doen? Wat heeft het voor gevolgen voor jouw gevoel? Merk je negatieve gedachten of boosheid bij jezelf? Merk je dat je daardoor anders reageert op je kind(eren)?

Ook jij bent belangrijk

 

Oudercoaching is heel belangrijk in een behandeltraject van een kind. Het is een waardevol onderdeel, omdat ik zie dat ouders vaak onbewust de klacht van hun kind in stand houden. Ik merk dat niet alleen een kind bij de afronding ervan gelukkiger is, maar ook de ouders. Alleen al door anders te kijken naar hetzelfde en daardoor anders te doen dan daarvoor.

Laat jij je leiden door de situatie?

 

Is een situatie van invloed op jouw gemoedstoestand? Geef je de situatie de schuld van jouw gevoel? Het hoeft niet zo te gaan. Niet de omstandigheden bepalen hoe jij je voelt, daar heb je zelf een keuze in.

Wat denk je nu ik dat zo zeg? Kun je daar helemaal niets mee, want in jouw situatie zie je niet hoe je daar zelf een keuze in kan hebben? Ik kan je helpen om daar anders naar te kijken. Normaal gesproken bied ik de gratis Anders kijken sessie aan voor vragen over je kind, in de maanden november en december wil ik je ook de mogelijkheid bieden om vragen te stellen die betrekking hebben op jezelf. Op jouw gevoel en jouw situatie. Of misschien wil je wel een combinatie van vragen over jezelf en over je kind. Dat kan ook. Om samen te groeien.

Wat houdt je tegen? Dit is je kans! Ik kijk er naar uit om je te zien.

Als het niet goed met ons gaat, willen we daar nog wel eens iets of iemand anders de schuld van geven. De oorzaak van ons probleem ligt volgens ons vaak extern. Dat is lekker makkelijk, want dan hoeven we zelf niet in beweging te komen. Dat geldt ook voor het probleem van onze kinderen. Het is een leerkracht, een ander kind of iets anders dat ervoor zorgt dat je kind zich zo naar voelt.

De ander

Als ik aan de kinderen die in mijn praktijk komen vraag, of ze zelf een idee hebben hoe hun probleem opgelost kan worden, hebben ze het vaak over het gedrag van een ander. De meester of juf, een broertje of zusje of een vervelend kind in de klas. Als die verandert dan is alles opgelost. Alleen werkt het zo niet. Je kunt de ander niet veranderen. Je kunt wel iets doen aan het gevoel dat de ander bij jou veroorzaakt.

Je eigen gevoel

Je voelt je zoals je je wilt voelen, ongeacht de omstandigheden. Dat is makkelijker gezegd dan gedaan! Als ouders vinden we het niet fijn om te zien dat ons kind verdrietig of boos is of zich op een andere manier ellendig voelt. We willen hem graag helpen en gaan daar ook actief mee aan de slag. Verzinnen oplossingen of gaan zelf hard aan het werk om het ons kind naar de zin te maken. Daar leert je kind echter niets van. Met als gevolg dat je kind altijd op jou terugvalt, want jij kunt het oplossen. En jij blijft denken: moet ik hem nu alweer helpen, waarom kan hij het niet zelf?

Erkenning-Troost-Realiteit

Om ervoor te zorgen dat je kind het zelf leert, zal hij ook moeten leren om dat gevoel te verdragen. Hier kun je hem bij helpen door het gevoel te erkennen. (Hoe je dat doet staat bij de tips in het ebook!) Er voor hem zijn, bij hem zijn, zonder adviezen te geven, zal je kind al helpen. Zo leert je kind dat hij het nare gevoel niet weg hoeft te drukken, zich er niet door hoeft mee te laten slepen of het te negeren. Het hoort er gewoon bij en het gaat ook weer over.

 

 

Vaak doe je het niet bewust, maar het gaat zoveel sneller: je helpt je kind met iets, wat hij eigenlijk (bijna) zelf kan. Vooral op schooldagen, wanneer het ’s morgens behoorlijk hectisch kan zijn, neem je hem dingen uit handen.

Een onderzoekje😉

Geldt bovenstaande voor jou? Ben je je ervan bewust dat je dit doet? Doe je dit altijd of zijn er situaties waar je je kind wel meer zelf kunt laten doen?

Het kan ook zijn dat het met controle te maken heeft. Zo zie ik in mijn praktijk moeders die, ook als hun kinderen ouder zijn, nog steeds hun kleding klaarleggen of een lunchpakket klaarmaken. Omdat ze dan zeker weten dat ze er, respectievelijk, niet voor gek bijlopen en iets gezonds eten. Waar komt die controle vandaan? Zie je dat ook op andere gebieden? Bijvoorbeeld in je werk of in de relatie met je partner? Ik wil je uitnodigen om daar de komende week eens nieuwsgierig naar te kijken.

Hoe kun je je kind helpen?

Kijk ook eens op welk moment je je kind op eigen kracht en met eigen oplossingen zijn uitdagingen aan kan laten gaan. Is de ochtend daarvoor niet het juiste moment voor jou? Kies dan een ander moment op de dag. Of misschien is het weekend daarvoor wel geschikt.

Door hem dingen zelf te laten doen ervaart je kind dat iets mis kan gaan en dat je het dan weer opnieuw kunt proberen. En dat hij het uiteindelijk zelf kan. Zo ontwikkelt hij een gezonde onafhankelijkheid.

In de praktijk

Zelfstandigheid is één van de hulpbronnen die ik activeer bij een kind tijdens de sessies, mocht dit nog niet voldoende aanwezig zijn. Ik vertel bij de rondleiding aan het begin van het traject dat er siroop staat en als hij dorst heeft, mag hij dat zelf pakken. Dat gaat niet altijd goed, maar daar leert hij weer van.

In mijn praktijkruimte staat een grijpmachine. Die heeft een grote aantrekkingskracht op kinderen. Ik heb hem expres boven op de kast gezet, zodat een kind zelf op zoek moet naar een oplossing om hem te kunnen pakken. Er is veel creativiteit te zien in de manieren die worden bedacht om de grijpmachine te kunnen pakken. Die creativiteit zit ook in jouw kind. Het enige dat hij nodig heeft om die te ontwikkelen, is de kans om het zelf te doen.

 

 

 

 

De scholen zijn weer begonnen! De één kijkt er naar uit, de ander ziet er tegenop. Dat geldt voor je kind en ook voor jou! Hoe heb je de start van het nieuwe schooljaar ervaren? Ben je blij met de rust in huis of mis je het ontspannen samen zijn in de vakantie?  

De overdracht

Als leerkracht heb ik jarenlang mijn klas overgedragen naar de collega van het volgende jaar. Ik zag ook dat het stempel dat kinderen van een leerkracht kregen (al of niet gediagnosticeerd) er eigenlijk al voor zorgde dat het kind 1-0 achterstond. De nieuwe juf of meester had toch een bepaalde aanname als een kind het schooljaar begon.

Terwijl er zoveel andere factoren kunnen zijn waardoor een kind het een (deel van) een schooljaar niet lekker doet. Ruzie tussen ouders, ziekte of overlijden van een familielid, niet begrepen worden/geen klik met de leerkracht. Het is het mooiste voor het kind als de juf of meester van zijn nieuwe klas onbevooroordeeld en met een nieuwsgierige blik naar hem kan kijken.

Op veel scholen wordt er ongeveer 3 weken na de start van een schooljaar een verwachtingsgesprek gehouden met een kind en zijn ouders. Daarin mag het kind vertellen over zichzelf en zijn verwachtingen van het schooljaar. Er wordt dus niet OVER het kind gepraat, maar MET het kind. Ik vind dat een mooie ontwikkeling. Het kind is ten slotte deskundige van zichzelf! Is er op de school van jouw kind ook zo’n verwachtingsgesprek? (of heet het misschien anders?) Heb je het al gehad of ben je het samen met je kind aan het voorbereiden? 

Een nieuwe plek

Voor je kind is het weer spannend. Waar zal hij zitten? Hoe is zijn juf of meester? Moet hij al gelijk moeilijke dingen leren?

Vooral de plek in de klas is heel belangrijk voor het wel of niet fijn voelen van je kind. In een intakegesprek dat ik laatst had, vertelden ouders dat hun kind vooraan zat in de klas, omdat hij zo snel was afgeleid. Vooraan zitten in de klas is niet altijd helpend bij teveel afleiding! Denk aan kinderen die langs je lopen om naar de WC te gaan, kinderen die bij het bureau van de juf komen om iets te vragen. Het kan ook een plek zijn waar veel spullen liggen of hangen die voor afleiding kunnen zorgen. Een leerkracht heeft dat niet altijd zelf in de gaten.

Dat wat je zegt

 

Een paar jaar geleden was ik voor een observatie in een klas. Een jongen uit mijn praktijk ondervond problemen in de klas: veel ruzie met klasgenoten, niet echt aansluiting (en dat wilde hij zo graag!) en hij kwam moeilijk aan het werk.

Tijdens de observatie merkte ik, dat zijn leerkracht niet alle kinderen gelijk behandelde. Voor sommige kinderen kon ze geduld opbrengen, bij anderen kostte haar dat zichtbaar moeite. Zo ook bij mijn cliëntje. Ze maakte opmerkingen over hem die ervoor zorgden dat zijn klasgenoten naar hem keken of ook op hem reageerden. Zo ontstond er een beeld dat deze jongen niet oké was. En dus werd er niet met hem gespeeld en werd hij niet uitgenodigd op feestjes.
In de nabespreking heb ik het hierover gehad. Ze was zich er niet van bewust.

Mocht je leerkracht zijn dan is het goed om af en toe even over je eigen gedrag na te denken met betrekking tot een leerling die ‘lastig gedrag’ laat zien. Is er misschien iets in jouw handelen of in jouw communicatie wat dat in stand houdt?
Ben je geen leerkracht, maar wel ouder van een kind? Ook dan is het zinvol om naar je eigen rol te kijken bij een conflict met je kind. Je kunt vaak al met een kleine verandering een verbetering in de relatie met je kind teweegbrengen.

Team

Net als dat je als ouder samen met mij deel uitmaakt van het team dat je kind kan helpen bij het oplossen van het probleem, zo ben je ook samen met de leerkracht deel van het team die jouw kind het komend schooljaar begeleidt.
Je kunt je soms boos voelen over iets dat de juf of meester heeft gedaan volgens je kind. Je kunt dan verhaal willen gaan halen. Bedenk dan dat je het verhaal van één kant hebt gehoord en dat het de moeite waard is om ook naar de andere kant te luisteren.
Net als jij als ouder doet ook de leerkracht wat hem of haar het beste lijkt uit liefde voor het vak en voor je kind. En hij of zij is zich er niet altijd van bewust dat dat niet altijd werkt (of juist tegenwerkt). Door respectvol met elkaar te blijven communiceren zorgen jullie er samen voor dat je kind de beste begeleiding krijgt die hij zich kan wensen!

 

Hoe doe jij dat? Thuiswerken met je kinderen om je heen? Natuurlijk gaan ze wel naar school, maar ze zijn door het continurooster ook veel eerder uit. En je moet doorwerken, want de deadline komt steeds dichterbij…

Het draagt niet bij aan een rustig hoofd en lijf. Je hebt het gevoel dat je alle ballen in de lucht moet houden en dat vergt veel van je. Misschien heb je daardoor wel een korter lontje naar je kinderen.

Waar ben jij in deze tijd? Kun je tijd voor jezelf vrijmaken?

In mijn omgeving merk ik dat thuiswerken veel effectiever is: je hebt geen reistijd en je wordt niet gestoord door collega’s die je dingen komen vragen. Je kunt meer doen in minder tijd. Dan blijft er dus ook tijd over om:

• Even lekker uitgebreid te lunchen in plaats van de gesmeerde boterhammen achter je computer naar binnen te werken
• Even te gaan wandelen, al is het maar een rondje door de wijk
• Even met een kopje thee en een tijdschrift of boek zitten

Het is niet nodig om je daar schuldig over te voelen, je verdient het! En bovendien is het belangrijk om af en toe even de spanning eraf te halen, zeker nu!

Spa rood

Als metafoor gebruik ik vaak die van een flesje spa rood. Iedereen heeft er één en als daar iedere keer aan geschud wordt, knalt op een gegeven moment de dop eraf! En geschud wordt er:

• Als je een vervelende vergadering hebt via ZOOM (of de techniek je daarbij in de steek laat)
• Als je deadline dichterbij komt en er komt niks uit je handen om die te kunnen halen
• Als je kinderen uit school komen met hun verhaal, maar je wilt (en moet!) nog even iets afmaken
• Als je…vul zelf maar in

Door even iets te doen waar je blij van wordt, wordt de dop even losgedraaid en kan de druk eraf.

Wat helpt jou?

Boosheid bij hun kind is iets waar veel ouders moeilijk mee om kunnen gaan. Ze geven aan dat ze hun kind niet kunnen bereiken en dat ze niet weten hoe ze kunnen helpen. Zelf boos worden of straffen zijn twee manieren die vaak worden gebruikt. Ze helpen soms, maar zeker niet altijd.

Boosheid heeft een taak.

Boos is een beschermer. Een gevoel dat ervoor zorgt dat een ander gevoel niet gevoeld wordt. Want dat gevoel doet te veel pijn. Dat gevoel kan bijvoorbeeld zijn:

  • Ze begrijpen me niet, ze doen niet wat ik wil (machteloos)
  • Het lukt me niet (frustratie)
  • Verdriet
  • Een ander -loosje (bijvoorbeeld hopeloos, hulpeloos, waardeloos)

Wat kun je doen?

Het stoppen van de boosheid is net als de batterijen uit de rookmelder halen als het alarm gaat. Als je niets aan de oorzaak doet van het alarm, zal het weer gewoon aangaan als je de batterijen erin terug stopt. Het is belangrijk om de brand te stoppen. Logisch, denk je nu…

Maar waarom denk je dat niet bij boosheid bij je kind? Als je teruggaat naar de situatie waarin je kind boosheid liet zien, wat was er aan de hand voor hij boos werd? Kreeg hij iets niet wat hij wilde? Lukte het niet om dat ingewikkelde bouwsel van Lego te maken?

Ook al begrijp je niet altijd zelf waarom je kind zich druk maakt, dan nog is het helpend om je in je kind te verplaatsen. Want HIJ heeft wel dat gevoel van verdriet, machteloosheid of frustratie. Als je daar erkenning op geeft, heeft hij de boosheid niet meer in zo’n heftige vorm nodig.

Als een flesje spa rood.

De aanleiding voor die boosheid kan ook al eerder op de dag liggen. Iets dat op school is gebeurd, een slechte start van de dag al bij het opstaan. Ieder mens heeft zijn eigen flesje spa rood, ook jij en ik. Als er door nare gebeurtenissen over de dag aan dat flesje spa rood geschud wordt, knalt op een gegeven moment de dop eraf. Als je al eerder ‘ontlucht’ door ontspanning, een rustmomentje, wordt die explosiviteit voorkomen.

Erkenning is hierbij essentieel: ‘je bent al zo lang bezig om dat te bouwen en nu lukt het niet, ik snap dat je teleurgesteld bent.’ ‘Dat ijsje was zo lekker, je zou er zo nog één willen, dat begrijp ik best’ ‘Je hebt zo je best gedaan om dit spel te winnen, ik snap dat je teleurgesteld bent dat je hebt verloren’.

Succes ermee en laat me weten welke verandering je merkt!

We vinden het allemaal fijn om zo nu en dan een compliment te krijgen. Het doet ook echt iets met je brein: het beloningscentrum in je hersenen wordt geprikkeld. Er komt dopamine vrij wat zorgt voor een fijn gevoel. Misschien voel je je warm worden van binnen en komt er een glimlach om je mond. Dat is bij kinderen niet anders.

Wat een compliment ook kan doen…

Een compliment kan je ook heel erg vastzetten. Door te zeggen: ‘Je bent echt slim, je hebt helemaal geen fouten gemaakt!’ kun je de boodschap overbrengen dat je dus niet slim bent als je wel fouten maakt. Vooral meer- en hoogbegaafde kinderen worstelen hiermee. Zij durven vaak een uitdaging niet aan te gaan, omdat ze misschien fouten maken en zich afvragen of ze dan nog wel slim zijn. Hierdoor gaan ze onderpresteren en komt er dus niet uit wat erin zit.

Een vaste mindset en een groeimindset 

Hoe je tegen dingen aankijkt heeft onder andere te maken met je mindset. Dit kan een vaste of een groeimindset zijn.

Bij een vaste mindset denk je dat het vaststaat hoe dingen en gevoelens zijn. ‘Ik ben boos’, ‘dat gaat me nooit lukken’, ‘zo ben ik nu eenmaal’ zijn daar bijvoorbeeld uitspraken bij.

Op die manier kun je jezelf behoorlijk vastzetten en is weinig beweging mogelijk.

Bij een groeimindset ga je ervan uit dat er ontwikkeling mogelijk is. Je kijkt vooral naar het proces en weet dat fouten maken erbij hoort.

Hoe geef je een goed compliment?

Een goed compliment:

  • gaat over het proces
  • gaat over de inzet van je kind
  • bevat het werkwoord ‘worden’, ‘leren’ of ‘doen’
  • benadrukt dat fouten maken erbij hoort
  • geeft aan dat je kind kan door ontwikkelen

Is er een compliment dat je vaak geeft aan je kind? Is dat een compliment voor een vaste of één voor een groeimindset?

Ik ben heel benieuwd wat je merkt als je een ‘groeicompliment’ geeft!